Geschiedenis van voetbal in Spanje is roemrijk en vermaard

Hoewel de Primera División, de hoogste Spaanse voetbal divisie, relatief laat tot stand kwam, namelijk in 1929, is de geschiedenis van voetbal in Spanje roemrucht en vermaard. Het is het meest succesvolle land in de Europese clubcompetities aller tijden en het nationale team is met drie opeenvolgende titels (Europees kampioen in 2008 en 2012, wereldkampioen in 2010) veruit het meest succesvolle nationale team van de eenentwintigste eeuw. De twee grootste en meest succesvolle clubs op nationaal niveau zijn de rivalen Real Madrid en FC Barcelona. Van de 84 kampioenschappen die te behalen zijn, hebben zij er samen 55 gewonnen. Voetbal in Spanje is tevens onlosmakelijk verbonden met politiek, ook hiervoor staan de twee giganten model. ‘Het Koninklijke’ Real Madrid was tijdens de Spaanse dictatuur de club van het centrale gezag. De separatistische Catalanen van FC Barcelona hadden het niet hoog op met dat regime, dat zij als onderdrukkers zagen. De jaren van de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939), zijn de enige jaren dat de titel niet uitgereikt is. Nadat Franco’s fascisten de linkse strijders hadden verslagen, zijn deze tegenstellingen alleen maar vergroot. De geschiedenis van voetbal in Spanje reflecteert sowieso de regionale verdeeldheid van het land. Beide grote Baskische clubs, Real Sociedad en Athletic Bilbao, zijn samen goed voor tien Spaanse titels. Acht daarvan zijn voor Bilbao, wat bijzonder is omdat hun spelers alleen uit Baskenland mogen komen. Español, de andere club uit Barcelona, beschouwt zichzelf als Spaans, waar FC Barcelona de Catalaanse club bij uitstek is. Op Europees clubniveau is Spanje in alle nog bestaande bekercompetities het meest succesvolle voetballand. Real Madrid won de eerste vijf Europese bekers, wat nog altijd ongeëvenaard is, en was ook dit jaar de winnaar van de Champions League. In de finale werd stadgenoot Atlético Madrid na strafschoppen verslagen.